
Veel labs kiezen een recirculatiekoeler op basis van tankgrootte. Dat lijkt logisch, maar het geeft vaak een verkeerd beeld. Bovendien spelen setpoint, compressor en regeling een grotere rol. Daarom loont het om koelcapaciteit en stabiliteit technisch te benaderen.
De koelcapaciteit recirculatiekoeler wordt niet groter door alleen een grotere vloeistofreservoir. Ten eerste vul je water tot zowel koeler als applicatie vol zijn. Daardoor bepaalt tankvolume niet hoeveel vloeistof je werkelijk gebruikt. Ten tweede wordt koelcapaciteit bepaald door de ingestelde temperatuur en de compressoromvang. Daarom verandert extra tankinhoud de maximale koelprestatie niet. Ten slotte vraagt een goede selectie om kijken naar je procesvraag, niet naar liters in het reservoir. Voor passende systemen binnen deze categorie, zie Recirculerende Koelers.
Temperatuurstabiliteit lijkt op het effect in een verwarmd zwembad. Een kop koud water verandert weinig, maar een continue stroom wel. Daarom draait stabiliteit om controle op uitgaande en recirculerende temperatuur. De koelcapaciteit recirculatiekoeler is daarbij slechts één deel van de vergelijking. Vervolgens bepaalt de regeling van koelmiddelstroom in de verdamper hoe snel het systeem corrigeert. Ook speelt de regelmaat van de warmtelast van je applicatie mee. Hierdoor kan een koeler met kleiner reservoir toch stabieler werken. Voor context binnen temperatuurbeheer, bekijk Waterbaden en recirculerende koelers.
De hoeveelheid water in een koeler verschilt per koelontwerp. Oudere systemen gebruikten vaak verdamperslangen in het reservoir. Daardoor was een groot tankvolume nodig om de slangen ondergedompeld te houden. Nieuwere ontwerpen koelen vaker buiten het tankgedeelte met een vlakplaat verdamper. Hierdoor kan het watervolume lager blijven. Bovendien kan de regeling sneller reageren op temperatuurschommelingen. Kortom, het ontwerp bepaalt dynamiek en volume, niet andersom. Voor projectadvies en inbedrijfstelling past Servicediensten.
Selecteer eerst de benodigde flow, bijvoorbeeld liters per minuut bij een doeltemperatuur. Daarna beoordeel je de warmtelast van je proces en de gewenste stabiliteit. Vervolgens kijk je naar de compressorcapaciteit bij jouw setpoint. Let bovendien op hoe het systeem het koelmiddel in de verdamper regelt. Daardoor weet je of snelle correcties haalbaar zijn. Ten slotte controleer je of de koeler past binnen je labomgeving en onderhoudsroutine. Voor continuïteit is Preventief Onderhoud bovendien logisch.